28 december 2015

Na de hele dag gewerkt te hebben stap ik rond 17:00 uur in de auto om mijn schoonvader en Jordi Strijdhorst op te halen voor een reis richting de alpen. Na een voorspoedige reis komen we al rond 02:00 uur aan op de plek van bestemming in Zuid Duitsland. Het is prachtig helder weer en het gras zit al onder dauw, wat ons goede hoop geeft voor de volgende ochtend. We vieren onze voorspoedige reis nog even met een biertje, en proberen dan een paar uurtjes in de auto te gaan slapen.

Na een kleine 2 uur gelegen te hebben gaat de wekker, het is nog donker maar we willen zeker niet te laat zijn. We zoeken onze spullen bij elkaar en lopen in de schemer door het bos richting een prachtig hoogveen gebied waar we de Dwergjuffer – Nehalennia speciosa hopen te vinden. De Dwergjuffer is een zeer zeldzaam juffertje die ik een keer eerder met heel veel moeite in Polen heb kunnen vinden. Deze keer is dat heel anders en vinden we vrij makkelijk verschillende exemplaren netjes langs het pad. Zo snel mogelijk beginnen we te fotograferen, maar de zon komt sneller op dan we zouden willen en al gauw beginnen de juffertje te draaien en is het maken van fotos al weer bijna onmogelijk. uiteindelijk valt het dan toch weer tegen om precies dat plaatje te maken wat je in je hoofd hebt. Achteraf vind ik de onderstaande close up toch het mooist. mede omdat je door de druppels op deze foto goed kan zien hoe klein dit beestje wel niet is. De andere fotos zijn hier te vinden: Dwergjuffer – Nehalennia speciosa. Al met al is het zeker een plek om nog eens naar toe terug te gaan.

Dwergjuffer - Nehalennia speciosa

Dwergjuffer – Nehalennia speciosa

Na dit goede begin stappen we weer in de auto om na een paar uur aan te komen in Oostenrijk waar we de Siberische waterjuffer – Coenagrion hylas op de foto hopen te krijgen. Het weer is gelukkig goed en tussen de middag laten de eerste juffertjes zich zien. Helaas, zoals ook tijdens voorgaande jaren is het maken van een fatsoenlijke foto niet te doen en stappen we een paar uurtjes later weer in de auto zonder de gewenste foto gemaakt te hebben.

Na een lange rit komen we rond een uur of 19:00 aan bij ons hotel in Zwitserland. We slapen in een 12 persoons kamer in de kelder, maar gelukkig zijn we de enige die van deze kamer gebruik maken. We drinken nog even een biertje en bekijken de fotos van deze dag, daarna snel richting bed.

De volgende ochtend gaat rond een uurtje of 05:00 de wekker al weer. Al snel zitten we in de auto en gaan we in de omgeving op zoek naar de Kleine apollo – Parnassius phoebus. Hier en daar is het gras wit van de ijzel, het is dus tamelijk fris. Op een paar Kleine apollo vlinders na vinden we helemaal niks. Natuurlijk hangen die paar Kleine apollo’s ook nog eens onhandig om op de foto te krijgen. Ik pruts wel wat, maar weet geen goeie fotos te maken.

Na wat gegeten te hebben gaan we naar een meer in de buurt op zoek naar de Taiga glanslibel – Somatochlora alpestris. Na een lange wandeling en een uur of 2 zoeken hebben we al met al een hand vol glanslibellen gezien waarvan de meeste waarschijnlijk gewone smaragdlibellen waren. Geen groot succes dus en we besluiten terug te rijden richting het hotel en onderweg wat veldjes te bekijken. Op alle plekken waar we stoppen lijken we nog te vroeg in het jaar te zijn en kunnen we eigenlijk geen vlinders vinden. Waarschijnlijk is het (te) lang koud geweest en hebben de vlinders nog wat meer tijd nodig om te ontpoppen. Als we stoppen bij een veldje waar we de Oranjebonte parelmoervlinder – Euphydryas intermedia hopen te vinden lijkt het alleen weer te laat te zijn in het jaar. Zo goed als alle vlinders die we vinden zijn al redelijk versleten. Ik probeer er het beste van te maken, maar uiteindelijk is het toch niet veel soeps. Wel vliegen er nog twee Gletsjervlinders – Oeneis glacialis rond die redelijk mee willen werken. Uiteindelijk maak ik hier de enige foto van waar ik deze dag een beetje tevreden mee ben.

S avonds gaan we even gezellig wat eten, en daarna al snel naar onze kamer (kelder).

Gletsjervlinder - Oeneis glacialis

Gletsjervlinder – Oeneis glacialis

Als de wekker de volgende ochtend weer rond 05:00 uur gaat rijden we eerst naar een wat lager gelegen plekje met de hoop dat daar al meer vlinder zitten. Eenmaal aangekomen zitten hier wel wat meer vlinders, maar de aantallen zijn nog steeds niet wat ik verwacht had. Weer maak ik weinig fotos en tegen een uurtje of 6 zoeken we het wat hoger op. Omdat de zon eerst over een andere berg heen moet, zijn we nog vroeg genoeg. Weer gaan we naar de Kleine apollo plek, deze keer heb ik meer geluk en vind ik een slapende Kleine apollo hangend tussen de bloemetjes. Eindelijk maak ik een foto waar ik tevreden over ben.

Kleine apollovlinder - Parnassius phoebus

Kleine apollovlinder – Parnassius phoebus

Al snel wordt het warmer en beginnen de vlinders te vliegen. We rijden naar een andere pas en kijken of hier misschien meer vlinders vliegen. Helaas lijkt ook hier alles later te zijn dan normaal, maar in dit geval komt het goed uit want daardoor vliegen er nog verse Bergspikkeldikkopjes – Pyrgus andromedae. Dit is juiste zo’n soort die ik andere jaren altijd mis. Als ik dan ook nog een foto kan maken op een mooi bemoste steen vind ik het al lang super.

Bergspikkeldikkopje - Pyrgus andromedae

Bergspikkeldikkopje – Pyrgus andromedae

Aan het begin van de middag krijg ik een telefoontje van Peter Groenedijk die juist aangekomen is in Zwitserland, en we spreken af om met z’n vieren op stap te gaan. We gaan op zoek naar de Thor parelmoervlinder – Boloria thore. Waarschijnlijk door het koude voorjaar vliegt deze vlinder nog amper en kunnen we er maar eentje vinden. Ook laat hij zich niet fotograferen, en we lopen verder om herdersparelmoervlinders – Boloria pales te vinden. Na veel moeite weten we eindelijk 2 vlinders te vinden, maar al snel begint het hard te regen, en besluiten we terug te gaan naar ons hotel. De rest van de dag besluiten we lekker te relaxen, drinken een biertje en ’s avonds pizza bij mijn favoriete pizzaria.

De volgende ochtend staan we nog een keer rond 05:00 uur op en maken we nog een snel rondje. We beginnen wee onder aan de berg, waar we nu al wat meer vlinders vinden dan aan het begin van onze reis, maar van mooie fotos maken wil het niet komen. Als we later nog even terug gaan om de herders parelmoervlinders van gister te vinden blijken die ook al onvindbaar, en geven we het op. We ontbijten nog even in ons hotel en rijden dan weer terug naar Nederland.